Gelezen
23 januari 2011
Voordat ik drie aanraders van de afgelopen maand geef, eerst dit:
voor al uw gratis verzonden Engelstalige boeken. Drie jaar geleden gaf ik Bookdepository, inmiddels genoegzaam bekend, en ook AbeBooks en Amazon hebben een selectie zonder verzendkosten. Maar BetterWorldBooks vind ik goed omdat zij a. een aanzienlijk deel van de winst besteden aan alfabetisering en je er b. veel tweedehands kunt opduikelen. Vind ik zelf handig voor boeken die ik maar kort denk te gebruiken: prentenboeken, snelleespockets, oudere boeken die nooit in Nederland zijn uitgegeven. Daarnaast schijnt BWB voor ieder verscheept pakketje ergens een paar bomen te planten; ik ben altijd wat sceptisch over het waarmaken van ‘klimaatneutrale’ beloftes, maar het idee is mooi natuurlijk.
En dan nu drie Nederlandse titels die ik de moeite waard vind. Dit is een.

Het heeft er alle schijn van dat De avonturen van kapitein Kwadraat een gekunsteld, geforceerd educatief boek over rekenen is, maar gelukkig is dat niet zo. Peter Smit, wiens stijl ik meer en meer ben gaan waarderen sinds ik kennismaakte met zijn werk in Jan Janse Weltevree (nu uitgegeven als: De strijd om de Beemster), heeft eigenlijk gewoon een mooi verhaal geschreven.
Er wórdt wel gerekend in het boek; of zoals je op de middelbare school bij literaire tekstanalyse zou zeggen: rekenen is een van de motieven in het verhaal, maar dat is doorzettingsvermogen ook, en eerlijkheid. Het staat in dienst van het verhaal, niet andersom.
Kapitein Kwadraat is een grappig en tamelijk spannend avontuur over een jongen die aanmonstert op een schip dat naar het Caraïbisch gebied afreist. Iedereen wil wel met kapitein Kwadraat meevaren, omdat hij als een van de weinigen de opbrengsten van zijn zeereizen eerlijk verdeelt onder de bemanning. De reis voert hen naar een eiland met een vulkaan die volgestort is met goud. Velen hebben geprobeerd het goud te bemachtigen, maar geen mens is levend teruggekeerd. Of het kapitein Kwadraat en zijn mannen wel lukt om heelhuids met de schat terug te keren naar Texel, en wat de rol is van Zacharias (Zach Hooij), moet je zelf maar lezen.
Het tweede boek had ik gezien bij onze Vlaamse vrienden, en gelukkig is het ook verkrijgbaar in Nederland.

Met flaporen de wereld rond is een voorleesboek zoals we dat kennen van Arend van Dam, maar dan -uiteraard- met de eigen, prettige stijl van Kristien Dieltiens.
Het heet de geschiedenis van België, maar omdat die tot 1830 gelijk opgaat met de Nederlandse, is vier vijfde van het boek net zo goed ‘van ons’. Ik eigen me iemand als Pieter Bruegel de Oude dan ook graag toe. Daarbij is het leuk dat de nadruk natuurlijk ligt op de zuidelijke contreien. Hierdoor lees je over gebeurtenissen en namen die in Nederlandse geschiedenisverhalen weinig aandacht krijgen, zoals de Guldensporenslag, Boerenkrijg, priester Daens en René Magritte. Ik vind het zelf altijd prettig om iets van een boek te kunnen inzien, daarom heb ik een van de dertig verhalen gescand. Hier het hoofdstuk over Godfried van Bouillon als pdf.
Als laatste nog een boek over de Vlaamse geschiedenis.

Roots gaat over Hannah, een zestienjarig, Amerikaans meisje met Vlaamse wortels. Hannah komt naar België om te studeren en logeert bij haar grootvader, een Vlaamsgezinde brompot die vroeger geschiedenisles heeft gegeven. Terwijl opa zijn kleindochter meeneemt naar plaatsen als Brugge en Ieper, vertelt hij over de geschiedenis van België. De Vlaams-Waalse taalstrijd staat centraal in het boek, waarbij de sympathie overduidelijk uitgaat naar de Vlamingen.
Hoewel Verleyen veel informatie geeft, vind ik het door de ’opa vertelt’-formule geen saai verhaal. Wat ik wel een minpuntje vind, zijn de cartoonachtige tekeningen in het boek. Er is ongetwijfeld over nagedacht om voor dit genre te kiezen, maar juist omdat de informatie in het boek zo uitgebreid is, denk ik dat verhelderende illustraties beter zouden passen dan lollige.
Roots heeft een oudere doelgroep dan Met flaporen de wereld rond. De leeftijdsaanduiding is 14+ en dat klopt ook wel, naar mijn idee. Voor Philip en Jet is het in ieder geval nog wat hoog gegrepen. De verhalen uit Flaporen kunnen wel mooi als fundamentje dienen waar in Roots op voortgebouwd wordt.
Gastspreker: het wiskundemeisje
30 januari 2010
Het lijkt wel gisteren, ik weet het. En toch is het alweer twee weken geleden dat de eerste Gastspreker hier acte de présence gaf.
Mijn tweede gast is bekend van het fantastische weblog wiskundemeisjes, waar je zomaar uren kunt doorbrengen. Zo is Philip nog steeds van plan het speelkaartenveelvlak te maken, ben ik nieuwgierig naar De man die kon rekenen en blijft het archief van Volkskrantcolumns een feest (deze bijvoorbeeld, of deze). En dan heb ik nog niet eens de rekenpuzzels genoemd. Maar ach, je kunt blijven citeren uit een bron die zo onuitputtelijk is; ga vooral zelf kijken. Ik ben heel blij dat ze voor dit blog tijd heeft willen maken.
Dames en heren, mag ik een warm applaus voor:
Ionica Smeets
———————
Aan de slag met wiskunde
Al bijna vier jaar laat ik samen met mijn collega Jeanine Daems zien hoe leuk wiskunde kan zijn op wiskundemeisjes.nl. Speciaal voor Pascale en andere (thuisonderwijs)ouders dook ik in onze archieven. Wat kun je voor leuks met je kinderen doen aan wiskunde, ook als je zelf geen wiskundeknobbel hebt? Hierbij drie tips.

De steeds herhalende structuur van fractals is heel makkelijk te maken met… koekjesdeeg. Als de koekjes in de oven liggen, kun je de kinderen iets meer vertellen over fractals. Bijvoorbeeld dat de kustlijn van Noorwegen heel erg op een fractal lijkt. Hetzelfde geldt voor de grens tussen Spanje en Portugal en daarom is die niet zo makkelijk te meten, zoals dit filmpje duidelijk maakt.

Wiskundig wandelen in Utrecht, Amsterdam of Nijmegen
Leuk om te combineren met een museumbezoek of een ander uitje: een wandeling met allerlei wiskundige puzzels. Zelf heb ik nog steeds geen van deze wandelingen gelopen, maar ik heb uit betrouwbare bron dat ze alledrie de moeite waard zijn!

Een spelletje met lucifers
Jeanine beschrijft in deze column het spel Nim, een heel eenvoudig spel waarbij de tweede speler altijd kan winnen. Leg de regels uit aan je kinderen en laat ze zelf een paar keer spelen. Verbazingwekkend vaak hebben kinderen de truc vrij snel door. Zo niet kun je ze een handje helpen door te vragen wat er gebeurt als er nog maar vijf lucifers liggen. Als je thuis een stel bollebozen hebt zitten, dan geef je ze een moeilijkere versie.
En verder?
Je kunt zó veel leuks doen met wiskunde! Je kunt veelvlakken bouwen, of zelf een symmetrisch tegelpatroon tekenen. Of als je bijvoorbeeld iets wilt uitleggen over grote getallen, dan kun je vier dezelfde bekers vullen met m&m’s, suiker, fijn zand en water. Laat de kinderen raden hoeveel m&m’s, suikerkorrels, zandkorrels en watermoleculen er in die bekers zitten.
Op onze blog wiskundemeisjes vind je nog veel meer ideeën. Kijk ook bij eens de boekjes van Vierkant voor Wiskunde. Hun wisschriften over onderwerpen als Geheimschrift zijn geschikt vanaf groep zes.
Succes en veel plezier!
Zeg, ken jij het honderdveld?
22 januari 2010
Het honderdveld?
Het honderdveld!
Ja, wij kennen het honderdveld. Is dat niet zo’n hulpmiddel met hokjes waarvan je nooit goed weet wat je ermee moet, als je kind alle getallen tot honderd inmiddels wel kent? Dat je denkt: nou, alsjeblieft. Honderd vakjes. Met een getal erin.
Precies, dat is ‘em.
Maar dan lees je weer eens wat vakliteratuur en zie je plots de waarde van zo’n vel met hokjes. Want je mag dan wel tips geven om alledaags rekenen te stimuleren, en je klopt jezelf wel op de borst over die weloverwogen Singapore Math rekenmethode, je blijft natuurlijk een armoeiige alfa die altijd openstaat voor wiskundesuggesties. (Terzijde: ik kan verklappen dat de volgende Gaststpreker helemaal in dit thema past.)
Omdat Jet gisteren riep dat ik de afgelopen tijd ‘zulke leuke, nieuwe ideeën’ had, durfde ik het wel aan om wat gedartel in het honderdveld te introduceren; spelletjes uit het boek van Ruth Beechick, de nuchtere grootmoeder van de toegepaste thuisonderwijskunst. En aangezien het zowaar in de smaak viel, zet ik het hier ook neer.
Men neme een honderdveld. Je kunt het bovenstaande veld uitprinten of een van de andere velden die je met het googlewoord krijgt. Vervolgens zijn er oneindig veel mogelijkheden. Ik geef er een paar, voor oud en jong door elkaar:
- Raak bekend met het hele veld. Begin bij je leeftijd en tel met je vinger in sprongetjes van 2, 5 of 10.
- Welke kant ga je op als je optelt? En als je er getallen afhaalt?
- Tel in tientallen, maar begin bij 3. Tel in tientallen en begin bij 7. Begin op willekeurig welk cijfer op de eerste rij en tel er telkens 10 bij op.
- Tel met willekeurig welk getal, maar begin op een vreemde plaats. Begin bijvoorbeeld bij 17 en tel er telkens 5 bij op. Of begin op 23 en ga verder met sprongetjes van 2.
- Doe de tafels. Begin op vakje 8, tel verder naar 16, 24 enzovoorts. Wat valt je op? En kijk naar de tafel van 9, die een heel mooi diagonaal geeft. Waarom is dat? Je kunt de vakjes ook inkleuren.
- Zoek naar patronen. Bijvoorbeeld: begin bij 7 en tel 4 vakjes verder. Begin bij 27 en tel 4 vakjes verder. Neem een willekeurig getal dat eindigt op een 7 en tel er 4 bij op. Welk patroon zie je?
- Begin bij 96 en tel terug met 10 vakjes per keer. Of met 3 per keer.
- Splitsen: noem om de beurt een getal. De ander wijst op het veld aan hoeveel vakjes er zijn tot 100. Of bij jongere kinderen: tot 10.
- Begin op 9 en tel er 9 bij op. Begin op 19 en tel er 9 bij op. Begin op 39 en tel er 9 bij op.
- Kijk naar procenten. 10 procent betekent ‘tien van de honderd’. Op het veld zijn dat dus 10 vakjes. Kleur nu eens 30 procent van het honderdveld. Of 45 procent.
- Begin ergens op de eerste rij en tel er steeds 11 bij op. Kun je voorspellen wat er gebeurt als je op 42 begint en je telt er 11 bij op? Kun je een regel bedenken? (één rij naar beneden, één hokje opzij)
- Kijk naar breuken. Wat is de helft van 100? En welk getal is ¼ van 100? Wat betekent ¼ precies? Kijk ook naar andere breuken, achtsten of vijfden bijvoorbeeld.
- Neem je schoolrekenboek of print een paar rijtjes uit met sommen tot 100, en reken alles uit met het honderdveld.
- Streep de 1 door. Kijk vervolgens naar de 2, maar streep hem niet door - streep wel alle veelvouden van 2 door (alle getallen die je krijgt als je iets met 2 vermigvuldigt), alle even getallen dus. Kijk dan naar het volgende getal dat nog niet doorgestreept is: de 3. Weer: niet doorstrepen, maar wel alle veelvouden ervan afkruisen (6 was al doorgestreept bij de veelvouden van 2, dus je gaat verder met 9, 15, 21 enzovoorts). Het volgende getal dat nog niet was afgestreept, is de 5. Nogmaals: 5 niet doorstrepen, maar wel alle veelvouden ervan. Wat is het volgende open hokje, welk getal is nog niet afgestreept? Kruis iedere veelvoud daarvan af. Ga zo verder totdat je niet meer verder kunt. Als je geen fouten gemaakt hebt, dan zijn alle vakjes die nu nog open zijn, priemgetallen (getallen die alleen gedeeld kunnen worden door 1 of door zichzelf). Dit afstreepwerkje heet de Zeef van Eratosthenes.
Ouders, en zeker ook thuisonderwijzende ouders, kunnen vaak niet wachten tot hun kind het schoolwerk zonder hulpmiddelen volbrengt. De dag dat je kleuter niet meer op zijn vingers telt, is er een om een traantje bij weg te pinken. De dag dat je zesjarige, lang vóór alle andere zesjarigen, sommen maakt zonder getallenlijn of blokjes, is de bevestiging dat het hele (erfelijke, uiteraard) pakket van talent en genialiteit eindelijk aan de buitenwereld geopenbaard wordt.
Dus moffel je een honderdveld weg, als bewijs van goed rekenschap. En spoor je je kind aan uit zijn hoofd te rekenen, ook al zie je dat er in dat hoofd soms een muur ontstaat waar zelfs 3×4 niet meer doorheen komt.
Philip kende de tafels al op zijn zesde. Maar daar hoor je mij niet over. En dat hij op zijn negende vrijwel alle tafels weer vergeten was, behalve die van twee, vijf en tien, daar hoor je me nog minder over. Waar je me wel over hoort, is dat visualisatie echt helpt om inzicht te krijgen. En dat is waar het uiteindelijk om gaat: snappen waarom je iets doet.
———
De honderdveldtips heb ik voornamlijk overgenomen uit: Ruth Beechick, You Can Teach Your Child Successfully, Grades 4-8, 1999. Hier een korte beschrijving van het boek, onder ‘Thuisonderwijsfavorieten’.
Gesurft voor u: thuisonderwijs met kleintjes
8 januari 2010
Dan volgt nu een allegaartje aan links die ik al een poos had staan, maar waar telkens geen stukje bij opsproot. De titel dekt de lading niet helemaal, want het gaat ook over thuisonderwijsmethodes en kinderboeken, maar anders werd de kop te lang.
Eerst de kleintjes. Thuisonderwijs is natuurlijk bij uitstek geschikt om alle leden van het gezin mee te laten doen, maar er blijven altijd momenten waarop het handig is als je peuter even zelf rond kan scharrelen. Dat je ‘T KoFSCHiP aan de oudere kinderen kunt uitleggen zonder dat er twaalf keer een boekje in je handen geduwd wordt door de kleinste hummel, bijvoorbeeld. Voor die momenten is er inspiratie op de volgende sites.
Montessori Home-School, Practical Life. Huis-tuin-en-keukentips voor kleine handjes. Soms heel origineel, soms heel voordehandliggend: gedroogde bonen scheppen met een soeplepel (of juist met een theelepeltje).

Voorwerpen verplaatsen met eetstokjes, wasknijpers op een bakje knijpen of spelen met kleine hangsloten.

Nou ja, je moet zelf maar even kijken. Montessori Home-School dus.
Een andere site met bezigheden voor peuters die graag willen meedoen – en welke peuter wil dat niet – is Paula’s Preschool Activities. Door het ontbreken van foto’s ziet het er minder overzichtelijk uit dan die montessorisite, maar er staan wel veel tips op.
Vooral het onderdeel Dolly’s Ziploc Bag Activities vond ik verrassend bruikbaar. Niet zo zeer om de activiteiten zelf, maar vooral om het feit dát je ritszakjes kunt gebruiken.
Buitengewoon handig als meeneemportie voor speeldiertjes, houten kralen, viltstiften, noem maar op.
Wie ze niet kent: het zijn plastic zakjes die je met een soort rits kunt openen en sluiten. Verkrijgbaar bij Albert Heijn (afdeling diepvrieszakjes) en Action. De laatste is een stuk goedkoper, maar heeft alleen druk-en-sluitzakjes, niet met een echt ritsje. Dat ritsje is voor twee- of driejarige vingertjes juist wel heel praktisch.
Als je toch bezig bent, lees dan meteen het stukje ‘What should a 4 yo know?’. Voor het perspectief.
Vriendin M. heeft op haar site ook aandacht gewijd aan de wee ones: Ik krijg thuisonderwijs – peuters en peuteronderwijs.
De volgende link is voor iedereen die met een buitenlandse lesmethode wil gaan werken. Op Homeschoolreviews kun je recensies lezen per vak en methode. Handig voor als je twijfelt tussen Singapore Math, Saxon Math en Math-U-See. Even kijken op de wiskundepagina en je ziet meteen de positieve en negatieve de ervaringen van andere thuisonderwijzers.
Ten slotte nog een paar boekenlinks.
Om te beginnen een van mijn favoriete sites voor Engelstalige kinderboeken: Lovereading4kids. Extra fijn van deze site is dat je, na registratie, van veel boeken een groot aantal voorbeeldpagina’s kunt downloaden. Vaak meer dan je bij Amazon kunt inzien. Dat is ook handig bij nieuwe boeken die nog vertaald worden in het Nederlands, kun je vast zien wat er gaat komen. En voor sommige boeken maakt de taal niet uit, zie het mooie woordloze prentenboek Welcome To The Zoo.

Ook heeft de site zo nu en dan een bonusje; op dit moment het prentenboekje Do As You Would Be Done By dat je als gratis e-book kunt downloaden. Verder hebben ze originele lijstjes met klassiekers en Bookshelf Essentials. Daar kun je er nooit genoeg van hebben.
Ik sluit af met een Nederlandse tip. De mooie kinderboekensite Kjoek heeft een nieuwe pagina: Stoere Prentenboeken. Samengesteld door kinderboekenschrijver Tjibbe Veldkamp, die in zijn artikel ‘Noise for boys’ klaagt over de overdaad aan zoete prentenboeken. Hij wil een lans breken voor het stoere prentenboek met actie, humor en avontuur, waar volgens hem vooral jongens behoefte aan hebben.
Het is nog maar een kort lijstje, dus het wordt vast nog uitgebreid, maar ik vond het nu al de moeite waard om door te geven. Wat mij betreft mogen Veldkamps eigen boeken De coole cowboy, Tim op de tegels en Hotze de botskabouter trouwens ook niet ontbreken.
Het artikel ‘Noise for boys’ is hier te downloaden als pdf.

Kinderboeken voor alle vakken
2 november 2009
Soms is het moeilijk om goede boeken te vinden bij bepaalde onderwerpen. Geschiedenis en aardrijkskunde zijn geen enkel probleem – om alle moois op dat gebied uit te lezen heb je drie levens nodig.
We zijn nu bijvoorbeeld bezig in Soldaat Wojtek van Bibi Dumon Tak, een waargebeurd geschiedenisverhaal uit de Tweede Wereldoorlog. En we moeten telkens even stoppen om tegen elkaar te zeggen hoe leuk het is.
Zó wil ik eigenlijk ook graag dat de kinderen biologie leren, natuurkunde of wiskunde.*) Op dat gebied is de literatuur toch wat dunner gezaaid. Maar ze is er wel.
Dietrich Grönemeyer schreef De kleine dokter. Daarin wordt de twaalfjarige Nanolino door een bijzondere machine verkleind en maakt hij een reis door het menselijk lichaam.

Hij leert over anatomie, organen en ziekten, medische technologie en ook over natuurlijke geneeswijzen. Dat laatste is niet altijd in mijn straatje (acupunctuur en ayurveda), maar alle alternatieven worden aangevoerd door de grootmoeder van Nanolino, zodat duidelijk is wat traditioneel en door de wetenschap aanvaard is.
In de ijver om compleet te zijn, is het boek soms wel ingewikkeld, bij vlagen zelfs onbegrijpelijk – bij het voorlezen ben ik dan ook vrij makkelijk in het schrappen van passages. Maar genoeg gespreksstof, mooie illustraties en microscopische afbeeldingen van organen en weefsel. Bij de internetboekwinkel kun je hier een paar bladzijden van De kleine dokter lezen.
Naast de menselijke biologie is er natuurlijk ook veel over dieren te leren uit kinderboeken. Ik heb al eerder verwezen naar Midas Dekkers, bovenmeester van de biologieschool, maar ook Ruik eens wat ik zeg van (daar is ie weer) Jan Paul Schutten is een geweldig voorbeeld van hoe je van alles over planten en dieren te weten kunt komen zonder schoolboek.**)
En soms krijg je zomaar tips aangereikt van inspirerende mensen. Aan de hand van het boek Science Through Children’s Literature heeft thuisonderwijscollega H. een paar geweldige Nederlandse varianten gemaakt. Met de prentenboeken De spin die het te druk had en Een zaadje in de wind (beide van Eric Carle), doet zij mooie suggesties voor diverse bèta- en gammavakgebieden.
Zelfs wiskunde kan met literatuur. Op mijn boekenlijstje staat hier al een aantal boeken, maar deze Vlaamse collega vol goede ideeën liet me nog iets zien:
uitgeverij Kluwer heeft met de serie Bolleboos zoiets geweldigs gemaakt. Wiskunde en Jules Verne. Phileas Fogg die zijn reis om de wereld in tachtig dagen maakt, en jij kunt uitrekenen hoe hij moet reizen, waar het mis kan gaan, hoe vaak hij de zon ziet opgaan. Het is een heuse lesmethode (en dus peperduur), maar wel eentje waarvan er meer gemaakt mogen worden.
Voor kinderen vanaf een jaar of elf die al een stevig wiskundefundamentje hebben: De reis om de wereld in 80 dagen. Hier en hier kun je het boek inzien – het lijkt twee keer dezelfde verwijzing, maar je kunt op beide links verschillende pagina’s bekijken.
Ten slotte kreeg ik van thuisonderwijscollega en bijna-buur V. een mooie rekenles aan de hand van Gullivers reizen. Helemaal gratis en hier te downloaden, gemaakt door een bevlogen leraar. Voor de wiskundereis met Phileas Fogg is beduidend meer rekenondergrond en -inzicht nodig, en deze Gulliver is leuk voor jongere kinderen, vanaf een jaar of acht.
Voor meer wiskundeinspiratie kun je klikken op de categorie ‘wiskunde’ (in de wolk aan de rechterkant zie je alle categorieën staan).

———————-
*) In dit stukje heb ik iets gezegd over mijn keus voor het gebruik van kinderboeken in plaats van schoolmethodes. In het intro ‘Thuisonderwijs, zo zijn onze manieren’ staat daar nog meer over.
**) Zie boekenlijst onder ‘Biologie’ voor meer suggesties. Via de blogcategorie ‘biologie’ kun je alle stukjes zien die over biologie gaan.
Gesurft voor u: Khan Academy
2 mei 2009
Een verbazingwekkend uitgebreid archief met allerhande wiskundefilmpjes. Van algebra tot rekenkunde, van meetkunde tot goniometrie, van natuurkundige onderwerpen tot aan de kredietcrisis.
Het is een bewonderenswaardig initiatief van Sal Khan die op dit moment al meer dan 800 filmpjes op YouTube heeft gezet. Hij heeft zelfs een deelvideotheekje gewijd aan Singapore Math, de boeken waarmee Philip en Jet leren rekenen (hier een eerder stukje over deze exotische methode, hier een extra motivatie voor mijn keuze).
Engelstalig, maar zeer de moeite waard: Khan Academy.
Wonderkind
15 april 2009
Halverwege Philips rekensommen mengde Cato zich in het geheel door hier en daar wat cijfers te roepen. Het leek Philip een mooi moment om de officiële scholing aan te vangen.
‘Cato, hoeveel is 1+1?’
‘Twee’, antwoordde ze beslist.
Philip was perplex. Zo veel knaps in zijn eigen zusje. Om onderpresteren te voorkomen moet je een genie echter blijven uitdagen.
‘En Cato, hoeveel is 2+2?’
‘Veertien.’
Overtuigd van de briljante geest die hij voor zich had, probeerde Philip het op een andere manier.
‘Hoeveel is 7+7?’
‘Veertien.’
De meester was tevreden. Nog eentje om het af te ronden.
‘En Cato, hoeveel is 7+8?’
‘O, zes,’ zei ze nonchalant.
U ziet, thuisonderwijs gaat vanzelf.









