Mart
20 oktober 2009

En zo kom je met een blog onvermijdelijk in de terugkerende jaarcadans. Weer een verjaardag, weer een Not Back to School Party, weer een herfstwandeling. En weer een Haagse Kinderboekenmarkt.
Ik ging alleen met Jet. Philip zat in een legotrance. Uren per dag laveerde hij tussen zijn legoblokjes en de online instructieboekjes, zodat hij alle Star Warsvoertuigen kon maken die hij niet als bouwdoos heeft, maar waarvan hij de onderdelen in veelvoud bezit.

Het gegraas en geschraap behoorde al drie dagen tot een monotoon achtergrondgeluid in de woonkamer en Philip zag geen enkele reden om het te onderbreken. Jet daarentegen zat al helemaal klaar, met schoenen, jas en acht ponyboekjes om gesigneerd te worden.
Op de Kinderboekenmarkt waren heel wat schrijvers en illustrators die we vorig jaar niet gezien hadden: Ingrid en Dieter Schubert, Toon Tellegen, Charlotte Dematons (van dat fabelachtige Grimmboek en Sinterklaas) en Imme Dros en Harry Geelen – gran’ old Knight & Dame van de vaderlandse jeugdliteratuur. Janneke Schotveld liepen we jammer genoeg net mis – ik was juist zo benieuwd naar Mosha en de olifantenparade.
Jet had het erg naar haar zin. Rondkijken bij de kraampjes, voorleesoptredens bijwonen. Ze mocht zelfs even meezingen in de jazzy voorstelling ’Jacob wordt piloot’ van Karin Wartenbergh.

Maar ze was er natuurlijk vooral voor iemand anders. Gelukkig was het rustig toen we bij het kraampje van de Roskamboekjes aankwamen. Zo kwebbelig als Jet al die tijd geweest was, zo stil werd ze toen ze haar stapel boekjes overhandigde. Terwijl Vivian den Hollander en Saskia Halfmouw vreselijk aardig en belangstellend waren en weer alle tijd namen om de boekjes te tekenen, kon Jet alleen maar knikken en blozen van bewondering. Ze kreeg ponystickertjes, een ponykleurplaat en in ieder boekje een andere ponytekening met ‘Voor Jet!’ erbij. Ze kan er weer een heel jaar tegenaan.
Eerste keren
3 oktober 2009
Jet heeft paardrijles. Niet zoals die paar keer in haar eentje, maar echt wekelijks, tegelijk met andere kinderen. Ik vind het nog steeds niks, zulke grote dieren en zo’n klein meisje, maar ik doe iedere week mijn best om betrokken te zijn, door sussend op een hals te kloppen terwijl Jet hoeven krabt of door mijn duimen omhoog te steken als ze in opperste concentratie door de bak galoppeert.
Met haar derde groepsles had Jet meteen vier eerste keren. Ze viel voor de eerste keer van haar pony. Gelukkig stond hij stil en was het een kleintje, maar ze lag toch mooi. En dat is geen bemoedigend schouwspel voor een moeder die het maar niks vindt. Het kwam door de juf, die trok het zadel aan terwijl Jet erop zat.
De andere primeurs waren gelukkig wel fijn. De grootste eer van de les viel Jet ten deel: ze mocht voorop rijden. Daar ga je vanzelf weer van stralen, ondanks het zand op je cap.
Primeurs drie en vier: ze reden een deel van de les zonder zadel én ze gingen draven met losse handen.
Toen we thuiskwamen lag er een nieuwe Penny in de bus, met stickertjes en een advertentie voor het nieuwste deeltje van Jettes favoriete serie, De Roskam.
Deze boekjes raken precies de juiste snaar bij paardenmeisjes als Jet. Geen jaloersmakend verhaal over een meisje dat zelf een pony vindt en die nog mag houden ook, maar de simpele geneugten van een eerste paardrijles, kletsen met vriendinnen op ponykamp en een wedstrijd op de manege waarmee je een rozet kunt winnen.
Ik heb eerder iets van mijn irritatie over AVI-boekjes laten doorschemeren, maar voor de deeltjes van De Roskam maak ik een uitzondering. Het zijn de liefste, zoetste boekjes die je je maar kunt voorstellen. Mét een verhaal, zonder rare constructies om het aantal lettergrepen en woorden per zin binnen de norm te houden. Als er geen AVI-codering op zou staan, zou je niet weten dat het zo’n boekje betrof – het formaat daargelaten. Verhalen die goed zijn in zichzelf, niet in een kader als zo’n raar kunstmatig leessysteem. Daar ga je van lezen.
Tweede positie
11 augustus 2009
Jet wilde graag een tutu, om haar balletoefeningen wat meer elan te geven. Haar eenjufsballetschool is met ingang van september opgeheven en de animo is nu ook weer niet zo groot dat Jet naar een nieuwe balletschool wil, maar de idylle van zo’n echte ballerina blijft toch lonken.
Een tutu maken is een fluitje van een cent. Schijnt. Handige moeders maken zoiets in een handomdraai. Onhandige moeders kijken of er ook instructies op internet te vinden zijn. Liefst visueel, met stap-voor-stapfoto’s. En dan blijkt er gewoon een filmpje in je schoot te vallen met de titel How to make a no sew tutu. Zonder naaimachine dus. Wat zeg ik, zonder naald of draad.
De toezegging dat een en ander slechts drie kwartier in beslag neemt, is voor onhandige moeders wat krapjes genomen. Ga uit van het dubbele. Maar dan nog. Dan ben je nog monter genoeg om er óók een voor de sidekick te maken.

Eerste positie
5 augustus 2009
Sinds ik Jet heb beloofd dat wij samen naar een balletvoorstelling gaan, als tegenhanger voor Philips bezoek aan Coldplay, zijn haar balletaspiraties als vanouds opgelaaid. Dus toen ik zaterdag bij De Slegte hier tegenaan liep,

kon ik de aankoop niet weerstaan. Het was een schot in de roos. Nou is Jet van nature meer een Findus (de poes van Sven Nordqvist) dan een klassieke danseres. Meer springend, links en rechts dingen omgooiend, dan sierlijk oefenend aan de barre. Maar met zo’n boek op schoot was ze binnen mum van tijd een ingetogen ballerina. En och mensen, er zat ook nog een dvd bij.
To was er als de kippen bij toen Jet zich in haar balletpakje hees. Want als er iemand een ingetogen ballerina is, dan is het Cato wel.
Eerst moet je altijd even inrennen,

terwijl je af en toe kijkt wat er zo’n beetje gedaan moet worden.

Opwarmen, positie bepalen, een combinatie van handen- en voetenwerk.

En pas als dat hele balletlijf klaargestoomd is voor het echte werk, het ingetogen werk, dan pas laat je zien wat je kan.

En als mensen vragen: ‘Wat wil je later worden?’, dan zeg je zonder aarzelen: ‘Jette.’ Want veel meer kun je niet worden in het leven.

Tam maken
25 juli 2009
Jet liep er al een paar dagen mee rond. ‘Mam, ik heb het. Ik hoef alleen mijn waterschoenen te pakken, oud brood, plastic handschoenen en een net. Meer heb ik niet nodig.’ Een beetje moeder weet dat ze dit soort mededelingen buitengewoon serieus moet benaderen; er is een wereld van reflectie aan vooraf gegaan en lollige opmerkingen worden niet op prijs gesteld. Aperte afwijzing werkt averechts.
‘Wat ga je doen?’, vroeg ik. ’Een meerkoet vangen’, zei ze, ‘om tam te maken.’ ‘Maar we hebben toch al een cavia? Een meerkoet lijkt me niet zo handig als huisdier.’ ‘O, maar het wordt ook geen huisdier’, stelde Jet me gerust, ’ik ga ermee jagen.’ Ik knikte begripvol, want ik ben een moeder die dit soort dingen serieus benadert. Bovendien heb ik een oudere zoon die de fase van Grootse Plannen ook gehad heeft. Het hoverboard, dat al in een vergevorderd stadium was, zoals dat van Michael J. Fox in Back to the Future (een plan dat andere jongetjes overigens wel hebben uitgevoerd). Of het jetpack en lichtzwaard uit Star Wars, waarvoor we door de paden van de Gamma doolden, op zoek naar essentiële onderdelen. Jet zelf had ook al eerder dergelijke Plannen gehad; de vervaardiging van een manshoge robot bijvoorbeeld. Toen wist ik ternauwernood te voorkomen dat er een partij staal aangeschaft werd. ‘Waar hebben we het over?’, dacht ik. ”T is deze keer maar een meerkoet.’
‘Kijk,’ zei Jet, ‘ik vang hem hier achter in de sloot. Dan laat ik allemaal vuurwerk afgaan en ik schiet pijlen op hem af en ik schreeuw heel hard naast zijn oor. Zo raakt hij gewend aan harde knallen.’ Het idee had ze opgedaan bij een filmpje over politiepaarden. Bij gebrek aan een politiepaard besloot ze dezelfde techniek toe te passen op dieren die wat meer voorhanden waren. Het hoefde trouwens niet per se een meerkoet te zijn, een eend kon ook.
‘Zou dat handig zijn voor een meerkoet, als hij niet meer meer schrikt van harde knallen?’ vroeg ik. Daarvan was ze overtuigd, anders kon hij niet samen met haar jagen. Hij zou haar ook beschermen, want daar staan meerkoeten om bekend, dat zij hun dierbaren fel verdedigen.
Toen we die dag bij de grote bibliotheek waren, besloot Jet het koetje bij de horens te vatten. Ze stapte naar de informatiebalie en zei: ‘Ik zoek een boek over het tam maken van dieren. Het mogen alle dieren zijn: meerkoeten, eenden, leeuwen.’ Een boek over dierengedrag kwam het meest in de buurt, dacht de mevrouw. Jet kwam stralend uit het pad vandaan, met drie boeken, waarvan er eentje nog echt de moeite waard bleek ook. Niet vanwege de instructies tot dressuur, maar omdat het zo’n heerlijk kijkboek was.

Het grote avontuur van de dieren van Richard Unglik *).
Met oceaandieren, woestijndieren, dieren uit de amazone en van de savanne. Dieren uit de geschiedenis en uit de literatuur.
Het boek is grondig bestudeerd en gelezen, maar het project Tam Maken is een stille dood gestorven. Jet heeft besloten geen meerkoet af te richten voor de jacht, maar te gaan sparen voor een paard.
———————–
*)
Richard Unglik kenden we al van Het grote avontuur van de geschiedenis, het Playmobilboek dat we een paar jaar geleden maandenlang in huis hebben gehad. De daadwerkelijke geschiedbeschrijving is allesbehalve grondig, maar de platen zijn zo mooi. Van de grotschilderingen van Lascaux via Freud tot aan de val van de Muur, de wereldgeschiedenis in vogelvlucht op Playmobilformaat. Hier kun je voorbeeldpagina’s uit het boek bekijken.
Gespreksstof
23 april 2009
Terwijl ik Jet laatst naar zwemles reed, zei ze ineens, uit het niets: ’Eigenlijk is lenen.nl een woekeraar.’
We hadden regelmatig kredietreclames voorbij horen komen en in het begin leek het de kinderen een ge-wel-dig initiatief, zo’n onbaatzuchtige geldboom. Een rug waar je onbeperkt van kunt plukken. De nieuwe badkamer van het reclamepaar vertaalde zich bij onze kinderen in massa’s starwarspoppetjes en feestjurken. Totdat ik vertelde over de rente. Dat tien Darth Vaders via lenen.nl geen 100 euro, maar 130 euro kosten (een beetje aandikken was in dezen geoorloofd, leek me). Een verlies van drie starwarspoppetjes, begreep Philip – daar had hij geen wiskundeboek voor nodig.
Mijn punt was aangekomen. Iedere kredietreclame op radio en tv werd in het vervolg toegesproken met een uitgebreid arsenaal sneren, tsss-en en jaja’s. Dat mensen daar nog in geloofden. Tien starwarspoppetjes in plaats van dertien, zo lagen de kaarten.
In De bende van de Witte Roos van (alweer) Astrid Lindgren, lazen we vervolgens over een woekeraar in een Zweeds dorpje. De hoofdpersonen legden aan elkaar uit wat een woekeraar precies doet. En hoewel we er verder niet over doorgepraat hadden, legde Jet het verband met lenen.nl, zomaar op weg naar zwemles.
Zo gaat het vaak. Het grootste en belangrijkste deel van ons onderwijs vindt plaats door middel van gesprekken. Op tijden en plaatsen die we er niet voor bedacht hadden. In de auto, tijdens het koken, bij het tandenpoetsen of aan tafel tijdens het eten. Grote en kleine vragen, over de ozonlaag en de AEX, over welke rekeningen je moet betalen als je in een huis woont. Of waarom je je soms chagrijnig kunt voelen, en hoe je daarmee om kunt gaan. Of hoe je iemand kunt helpen die voor het eerst op gymles komt en zich een beetje verlegen voelt. En niet te vergeten: vrijwel alle seksuele voorlichting vindt bij ons plaats tijdens niet-geregisseerde gesprekken – als we op kraambezoek zijn geweest bijvoorbeeld, of soms uit het niets, op weg naar de sportvereniging.
Praten is immens belangrijk. Van vragen stellen en gesprekken voeren leer je veel meer dan van tekstboeken lezen en antwoorden uit je hoofd leren die iemand anders voor je bedacht heeft. Je leert te luisteren, je mening te staven en te herzien. Je leert op te komen voor je principes, je gedachten te ordenen en niet klakkeloos aan te nemen wat een ander zegt.
De Britse onderzoeker Alan Thomas heeft geconcludeerd dat daarin de kracht van thuisonderwijs schuilt, in conversaties. Of je nu een klaslokaal aan huis hebt nagebouwd of helemaal ontschoold bent, thuisonderwijzers blijken allemaal erg veel tijd te besteden aan praten. Ze hebben tijd en ruimte om in te gaan op de spontaan opkomende vragen van hun kinderen en dat blijkt een grote succesfactor in het onderwijs.
In de Verenigde Staten wordt er onder thuisonderwijzers graag een naam gegeven aan dingen die educatief rieken. Zoo class voor een rondleiding door de dierentuin, carschooling *) voor schoolse dingen die je tijdens een autorit kunt doen en clickschooling **) voor het bezoeken van leerzame websites.
Ik pleit voor praatscholing. En dan geen scholing om te leren praten, maar scholing door middel van praten. Op zo veel mogelijk plaatsen, met zo veel mogelijk mensen van alle leeftijden, door er zo veel mogelijk te zijn als de vragen zich aandienen. En daar hoef je geen thuisonderwijs voor te geven, daar hoef je alleen maar de tijd voor te nemen.

Gesprek op leeftijd met vriend A.
————————–
*) Op de pagina over Carschooling kun je een maandelijkse kalender downloaden die je kunt gebruiken voor gespreksonderwerpen tijdens autoritten. Het boek heb ik zelf niet, maar hier kun je wat van de inhoud bekijken. Met tips om bijvoorbeeld road kill te kunnen ontleden (maak van uw aangereden egeltje een leerzaam project) of autospelletjes om samen een vreemde taal te leren.
**) Via deze link kun je je abonneren op de e-mailservice van Clickschooling, waarmee je dagelijks een educatieve link toegestuurd krijgt. Iedere dag een ander onderwerp: op maandag bijvoorbeeld wiskunde, op zaterdag kunst. Ik ben al een jaar of vijf geabonneerd er zit regelmatig iets bij wat de moeite waard is. Hier het archief van Clickschooling, met links op onderwerp.
De week van Jet
11 april 2009

In het boek Karlsson van het dak van Astrid Lindgren verzucht hoofdpersoon Erik dat hij bijna niet kan geloven dat er zó veel leuks bij elkaar kan gebeuren. Hij is jarig, kreeg zijn liefste wens cadeau (een hondje) en dan heeft hij ook nog een feestje met zijn beste vrienden en een logeerpartij bij oma tegoed.
Jet had een beetje hetzelfde vorige week. Ze was ook jarig. En oma kwam logeren. En er was nog veel meer leuks.
De verjaardag zelf betekende al dagenlang feest. Want hoewel we het heugelijke feit op een zaterdag vierden, druppelden er doordeweeks nog genoeg vrienden, vriendinnen en buren binnen om de stemming erin te houden. En ze bleven meestal ook gezellig eten.
Jet wilde, naast de traditionele, huisgemaakte limoentaart, voor haar zevende verjaardag een garderobe van jurken en rokken. Omdat de karakteristieke prinsessenfase bij haar maar kort geduurd heeft en ze vanaf haar vierde eigenlijk alleen maar broeken wilde dragen, had ze nauwelijks zwierige jurken in haar kast hangen. Het allerliefst wilde ze een bruidsmeisjesjurk. Bij Jet zijn de dingen vaak associatief en in dit geval was er dan ook een aanwijsbare aanleiding: het bruidsmeisjesverhaal dat John al wekenlang voorleest uit Het grote Alfie en Annie Rose verhalenboek van Shirley Hughes.
Ze kreeg de limoentaart. En jurken. Zomerjurken met spaghettibandjes, geklede jurken met ruitjes, hippe grotemeisjesjurken, en een bruidsmeisjesjurk.

We hebben geen trouwerijen in het verschiet, maar ze heeft de jurk al veel aan gehad, want iedere dag is het waard om gevierd te worden.
En toen was het ook nog Palmpasen.

Heel stichtelijk uiteraard, maar in de praktijk betekent Palmpasen voornamelijk: snaai. Een tafel vol lekkers om de stok mee te versieren, uit te delen aan de mensen en dan heel stichtelijk zelf aanvallen. Cato wilde ook graag op de foto, met dropveterwangen.

Je gelooft het niet, maar in diezelfde tijd mocht Jet ook nog afzwemmen. Het was bijna te veel. Een paar dagen ervoor vroeg ze: ‘Mam, zijn er eigenlijk weleens kinderen gezakt voor hun A? Bijvoorbeeld omdat ze hun rugcrawl niet zo goed deden?’
Soms hou ik nog een beetje extra van haar.

En die rugcrawl ging meesterlijk, toevallig. Een voorbeeld voor de Nederlandse zwemsport, zou ik zo zeggen.

Zo’n zwemdiploma is natuurlijk opnieuw reden om je galajurk nog eens aan te trekken en de feestroes voort te zetten.
Alsof het allemaal nog niet genoeg was, had ze ook nog een privéles op de manege. En dat ging zo goed, dat ze direct van de wachtlijst mocht en haar een instroomgroep voor net-geen-beginners-meer werd aangeboden. Maar die groep valt juist op het uur dat ze ook ballet heeft, en dat wil ze ook heel graag. We laten het even zo. Er is al zo veel om van na te genieten, soms is het fijner om nog iets te wensen over te houden.



