Kleuren met bloemen
6 juli 2008

Als je door de duinen loopt en je negenjarige zegt: ‘Kijk, daar staat slangenkruid!’, terwijl jij zelf allesbehalve botanisch bent aangelegd, dan weet je dat het praktijkonderwijs van de natuurjuf zijn vruchten afwerpt. Waarmee ik meteen twee grote misverstanden over thuisonderwijs uit de wereld wil helpen: als ouders hoef je niet alles te weten én thuisonderwijs doe je niet in je eentje.
Vrijdag waren we met onze vaste IVN-gids in het naburige heempark voor een seizoenswandeling. Het thema deze keer: ‘Kleine beestjes en bloemetjes’. Een hoop beestjes kennen we natuurlijk wel van eigen bodemvondsten: miertjes, pissebedden, lieveheersbeestjes; maar natuurjuf M. vertelt ons altijd wel iets wat we niet wisten. Dat hommels onder de grond nestelen bijvoorbeeld. Dat er solitaire bijen bestaan, die niet in een zwerm leven, maar in hun eentje in een holle boomstam. En ze wees ons op slakkeneitjes, die we daarvoor alleen op tv gezien hadden.

Als je op zo’n heerlijke zonnige dag met een vergrootglas in de weer bent, dan smeekt dat natuurlijk om wat extracurriculair onderzoek.

Zoals: hoe snel verbranden pasgevallen bladeren? En: lukt het ook met een afgevallen appeltje dat nog niet ingedroogd is? Van die cruciale vragen waar mensen zich al eeuwen het hoofd over breken.

Nadat we het kleinebeestjesparadijs uitgekamd hadden, togen we naar de kruidentuin om bloemetjes te zoeken.

Dit gedeelte van de tuin is gerangschikt in perken met kruiden voor verschillende doeleinden: een perkje smaakmakers, een perkje geneeskrachtige kruiden, kruiden als natuurlijke bestrijdingsmiddelen, kruiden als parfum et cetera. Wij keken vooral bij de verfkruiden.

Nadat we de mooiste kleuren verzameld hadden, mocht iedereen proberen hoe dat werkt, verven met bloemblaadjes.

We kwamen er achter dat klaprozen de helderste kleuren geven. En dat je met Stinkende Gouwe kunt schrijven, als je het verse sap als inkt gebruikt en de stengel als pennetje.

We hebben weer erg genoten; maar voor Jet was er één organisme dat bekoorlijker was dan alle bodemdiertjes en bloemblaadjes bij elkaar. Een van de kinderen had zes weken geleden een broertje gekregen en dat mocht ze op schoot houden.

Cato nam de belangrijkste feiten van de dag nog even door.

Anatomische les
8 juni 2008

Jet was een beetje verkouden. ‘Als ik slik, voel ik het in mijn oor’, zei ze. ‘Hoe kan dat?’ Ik vertelde over het buisje dat je keel met je oor verbindt en het leek me een mooi moment om The Body Book*) weer eens tevoorschijn te halen.
We hebben het al jaren in huis en ik ben er iedere keer weer blij mee.
Wat mij betreft is het de perfecte aanvulling op alle flapjes- en fotoboeken over het menselijk lichaam. Het bevat simpele, maar mooie en duidelijke bouwplaten: over de vijf zintuigen, hoe je oog er vanbinnen uit ziet of je hart, waar de smaken op je tong zitten.
En nu wilde Jet dus weten hoe haar oor in elkaar zit. Philip opteerde voor ‘de hand’, maar omdat daar geen aparte bouwplaat van bestond, nam hij genoegen met de huid.

Wat zo prettig is aan de platen uit het Body Book, is dat ze niet al te veel tijd in beslag nemen. We zijn ook ooit eens begonnen aan een levensgroot skelet uit een ander knutselboek, maar toen we de zevende rib van de vierentwintig aan het uitknippen waren, zaten we elkaar allemaal zuchtend aan te kijken. De voltooiing is er niet meer van gekomen. Het project hangt nu als schedel-met-ruggengraat aan een punaise op de speelgoedkast en je kunt aan het knipwerk duidelijk zien waar de vlijt begon af te nemen.
Maar Jettes oor was na twintig minuten af. En je hoeft haar niets meer te vertellen over hamer, aambeeld, stijgbeugel en trommelvlies.

Dat dit biologie heet, maakt Philip en Jet niet uit, ze wilden gewoon, net als alle kinderen, altijd al weten hoe ze in elkaar zaten. Of zoals Philip (toen 4) eens vroeg terwijl we aan tafel zaten: ‘Wat zit er eigenlijk in buiken?’ (Dat was nadat hij met een blik op zijn karbonaadje had gevraagd: ‘Eten we nu een hondje?’)
Het fijne van thuisonderwijs is dat je niet hoeft te wachten tot -ik noem maar wat- groep 6 voordat je de vijf zintuigen kunt uitpluizen, maar dat je er gewoon mee aan de slag kunt als het onderwerp zich aandient.
Daarom lazen we boeken over spijsvertering en witte bloedlichaampjes. En daarom kregen ze van oma een plastic anatomisch model (Hema) dat ze telkens in- en uit elkaar haalden, zodat ze precies wisten waar je nieren zitten (en dat ze verbonden zijn met je blaas).
Sinds een paar maanden hebben we nog iets leuks in huis:

Somebody, the Human Anatomy Game. Een bordspel dat je op meerdere niveaus kunt spelen en in vijf verschillende varianten, van memory tot Muscles & Bones, over spieren, botjes en organen, waar ze zitten en wat ze doen.

Tot slot nog een mooie link naar een e-book, voorgelezen door schoolkindertjes uit Vermont: http://www.apples4theteacher.com/elibrary/bodybook.html
*) Je kunt The Body Book hier online inkijken (het kan een minuutje duren voordat het geladen is).
Pooja
10 februari 2008
Een snoepje van een boek ontdekt: Pooja, het olifantenmeisje.

Toen haar Duitse ouders met hun omgebouwde Mercedesvrachtwagen van Hamburg naar India reisden, werd Pooja Marske geboren. Ze gingen er de helft van het jaar wonen, in India. Op haar vijfde raakte Pooja geboeid door de olifanten in het Mudumalai National Park.
Inmiddels is Pooja acht jaar en wil zij geld inzamelen voor een olifantenbejaardentehuis. Daarom hebben haar ouders, die ook de foto’s in het boek gemaakt hebben, de stichting Pooja Elefantenhilfe opgericht.
Het boek vertelt over de bijzonderheden en gewoontes van olifanten, over Pooja’s vriendschap met één olifant in het bijzonder en over tempelolifanten die vereerd worden als de belichaming van hindoegod Ganesha, maar mishandeld worden tijdens hun werk bij de tempel. Het is een prachtig kijkboek vol informatie, verteld in verhalen uit het perspectief van het meisje.
Vogelopvang
6 januari 2008
Terwijl ik de kerstboom aftuigde, ging John met de kinderen naar het vogelasiel. Onder het voorwendsel dat ik dan ‘lekker rustig’ mijn gang kon gaan, maar natuurlijk eigenlijk omdat hij zelf net zo kriegel wordt als ik van mijn gevecht met zes meter fragiele lampjes.
Er is een periode geweest waarin we iedere maand even bij de vogelopvang gingen kijken, maar het laatste jaar waren de kinderen niet meer geweest. En ook al is dit is eigenlijk niet de tijd voor zielige vogeltjes (in het voorjaar zijn er meer verschoppelingen; uit een verlaten nest of gered uit de kattenbek), er was weer genoeg te zien. Naast stamgasten als reigers, meeuwen en eenden waren er zwanen, een torenvalkje en een piepklein babynijlgansje dat getroost werd met een knuffeldier en een spiegeltje.
Er was ook een witte gans die graag geaaid wilde worden. Hij was gevonden terwijl hij vastgevroren zat in het ijs. Telkens wanneer Philip en Jet wegliepen, begon hij te schreeuwen en als ze terugkwamen, deed hij alvast zijn kop omlaag.

En ja, de boom is weg. Ik heb vanavond de laatste dennennaalden tussen mijn tanden vandaan geflost, maar de ballen zitten weer in de doos en de boom staat aan de straat. Gelukkig nieuwjaar!
I.M.
19 oktober 2007
Wie anders dan hij kon een egeltje vergelijken met Persephone, de Griekse godin die door Hades wordt meegenomen om in de winterse duisternis van de onderwereld de lente af te wachten, omdat egeltjes een winterslaap houden?
Wie anders dan hij had zoveel bijbelkennis dat je er je hoed voor afnam?
Wie anders sprak met zoveel liefde over de Liefde, dat je zeker wist dat er niets belangrijker is?
Wie anders kon kunst, natuur en mooie verhalen zo verbinden, dat Charlotte Mason hem ogenblikkelijk in haar canon op zou nemen?
Ik moest gisteren nog aan hem denken, toen we in het heempark waren, op zoek naar paddenstoelen, en de kinderen naast eekhoorntjesbrood, inktzwammen en zwavelkopjes een libel ontdekten, die rustig bleef zitten terwijl zij er op hun buiken naar lagen te kijken.
Toen hij tweeënhalf jaar geleden kwam signeren, hebben we anderhalf uur in de rij gestaan. Philip had zijn eigen exemplaar van De achtertuin meegenomen en ging telkens alvast even bij de signeertafel kijken totdat we aan de beurt waren.

Jet (toen bijna 3) wilde vooral vertellen dat ze zo graag naar de filmpjes van de achtertuin keek. Hij vroeg haar welke ze de mooiste vond, en zij antwoordde die van het egeltje. Toen alle boeken gesigneerd waren, trok Jet me aan mijn mouw, omdat ze mijnheer Wolkers nog iets wilde zeggen. ‘Ik vind u zo lief’, zei ze. ‘En ik vind jou ook lief’, zei hij. Toen mocht ze bij hem op schoot.

Het filmpje van het egeltje kon ik niet vinden, wel dat van de spuugbeestjes.
Een herfstige week in september
29 september 2007
Met het weer van de afgelopen week hebben we veel binnen gedaan. We zijn naar Storytelling geweest, het Engelse voorleesuurtje in de bibliotheek van een naburig stadje - de enige bibliotheek die ik ken waar je met een grote bel koffie verkeerd of een versgeperst sapje je boeken kunt (voor) lezen. En de kinderen hebben hun vrijkaartjes voor de overdekte sneeuwbaan te gelde gemaakt. Bij de schaatslessen hadden ze een gratis toegangsbewijs voor de skipiste gekregen en deze week zijn ze met John gaan skiën. Niks geen krekeltjes en korenbloemen; op deze allesbehalve mooie warme dag in september zaten twee paar appelwangetjes aan de warme chocola te vertellen over sleepliftjes en pizzapuntski’s.
Vrijdagmiddag zou het weer beter worden, dus ik wilde ook nog een buitending doen. We gingen appels plukken.
Bovenin hingen de mooiste, maar Jet wist ook op vijfjarige hoogte feilloos de lekkerste appels te vinden.
Ik had verwacht dat we de hele middag in de boomgaard zouden rondplukken, maar terwijl de kinderen de ene na de andere appel inlaadden, realiseerde ik me dat we die natuurlijk ook binnen afzienbare tijd moesten opeten. Uiteindelijk hebben we vier kilo biologische appeltjes mee naar huis genomen.
Uitverkoop
6 september 2007
Vandaag begon de tweemaandelijkse verkoop van afgeschreven boeken in onze bibliotheek. Deze frenzy duurt altijd drie dagen, maar meestal kom ik er op de namiddag van de derde dag pas achter en heb ik drie kwartier voor sluitingstijd nog een treurig stapeltje kliekjes om uit te kiezen.
Ditmaal had ik echter de aankondiging in het plaatselijke sufferdje op tijd gezien, zodat ik vanochtend om elf uur bij de koopjestafel stond. Philip installeerde zich op de kussens met een stapel Asterixen, Donald Ducks en Garfields (die klassiek-literaire aanpak werpt zijn vruchten wel af) en Jette pakte alle Galops van het plankje, maar besloot later toch terug te vallen op het weergaloze Floortje helpt een hond. Na een halfuurtje scharrelen had ik het volgende stapeltje:
- De planeet aarde, Time Life (Jonge ontdekkers). Van aardbevingen tot regenbogen, gletsjers en kristallen. We hadden het boek al regelmatig geleend, dat kwam dus mooi uit.
- Het heelal, Time Life (Jonge ontdekkers). Uit dezelfde serie, ook al vaak geleend.
- Wood, Tim, De Renaissance (Kijk op het verleden). Mooi boek over een mooie periode. Met transparante platen zodat je bijvoorbeeld ‘in’ de Santa Maria kunt kijken (het schip van Columbus). Met zelfs al een fiezeltje Petrarca.
- Bonafoux, Pascal, Op bezoek bij Rembrandt. Waarin het verhaal wordt verteld over zijn leven, geïllustreerd met zijn tekeningen en schilderijen. Het begint zo: ‘Als ik ’s zondags na de dienst uit de Westerkerk kom en langs de Rozengracht loop, waar ik sinds 1660 woon, dan groeten de mensen me beleefd.’ Zo wil iedereen toch kunstgeschiedenis krijgen?
- Lawton, Clive A., Het verhaal van de Holocaust. Een boek dat de kinderen nog niet zonder mij mogen inzien, en waarschijnlijk sowieso nog even niet. Met hartverscheurende foto’s uit de jaren dertig, waaronder een foto waarin neuzen opgemeten worden en een uit 1933 van een advocaat die had geklaagd over het optreden van de politie, en nu met blote voeten door de straten moest lopen met een bord waarop stond dat hij nooit meer zou klagen.
- Maynard Christopher e.a., Zo werkt je lichaam. Het zoveelste boek over het menselijk lichaam, maar hierin staat net iets meer over bloedsomloop en hersenfuncties dan in de andere die we hebben, altijd handig.
- Arnold, Nick, Machtige krachten (Waanzinnig om te weten). Het natuurkundedeeltje van deze serie, die mij persoonlijk iets te jolig is, maar waarin de stof wel goed wordt uitgelegd. En het kan Philip niet jolig genoeg zijn.
- Loriot, Peter en de Wolf. Mooi, groot prentenboek met tekeningen van Jörg Müller, om mee te kunnen lezen bij de cd.
- Beak, Nick Huckleberry, Plezier met goochelen. Een stuk of twintig trucs met flamboyante namen als de Magische Doos en de Stuiterende Snotlap.
- Een vuistdikke Geïllustreerde dierenencyclopedie voor de jeugd (Dorling Kindersley), nog een beetje voor Jet, maar ook alvast voor Cato, omdat er, net als bij de meeste kinderen, waarschijnlijk een tijd gaat komen waarin zij gepassioneerd de Aziatische olifant van de Afrikaanse wil onderscheiden, de jaguar van het luipaard en de zeehond van de zeeleeuw.
- Kerrod, Robin, Vulkanen (Op onderzoek naar…). Met veel foto’s voor de kleine sensatiezoeker en een stuk of vijftien gemakkelijk uitvoerbare (!) proefjes om onder meer black smokers (onderwatervulkanen) en geiseruitbarstingen te maken en seismoloogje te spelen.
Elf boeken voor elf euro, mooie opbrengst, toch?
Heempark
13 juli 2007
Vandaag zijn we weer op stap geweest met een gids van het IVN, Vereniging voor natuur- en milieueducatie. Sinds drie jaar gaan we met de lokale thuisonderwijsgroep eens per kwartaal met dezelfde gids het heempark in, om de wisseling der seizoenen aan den lijve te ondervinden.
De thema’s van onze bezoeken variëren; soms gaan we op zoek naar dierensporen of winterbloemetjes, in de herfst gaan we meestal paddestoelen zoeken. Omdat er bij het heempark ook een arboretum is, leren de kinderen de verschillende bomen aan hun blad of schors te herkennen. Onze vaste gids staat bol van de inspiratie en kennis; Philip en Jet zijn dol op haar. Omdat een thuisonderwijsgroepje altijd uit kinderen van uiteenlopende leeftijden bestaat, is het een kunst om de informatie zo te brengen dat het voor iedereen leuk en interessant is. Onze gids slaagt daar buitengewoon goed in en verzint telkens iets nieuws voor de kinderen om tijdens of na de wandeling te maken: pindaslingers voor de vogels, een kastanjespinnenweb, en bij de paddestoelentocht mogen ze inkt onder de hoed van de inktzwam vandaan halen en daarmee op berkenschors schrijven.
Vandaag gingen we slootje scheppen. Met schepnetten, emmers, loeppotjes en zoekkaarten liepen we net als afgelopen jaren het nabijgelegen weiland in om te ontdekken welk leven zich in de boerensloot ophoudt.

Na het scheppen determineren de kinderen met zoekkaarten hun beestjes en plantjes. Deze keer zaten er naast alle soorten larfjes, bootsmannetjes en stekelbaarsjes zowaar drie salamanders bij.

We hebben vandaag ook wat waterplantjes bijgeleerd met mooie Hollandse namen als moerasvergeet-mij-nietje, pijlkruid en heermoes: de ‘legoplant’, die uit verschillende schubjes bestaat die je in en uit elkaar kunt halen.

Beestjes
5 juli 2007
Als mensen weten dat je thuisonderwijs geeft, willen ze graag iets bijdragen. Soms is dat buitengewoon vervelend: mensen die je kind toetsen op zijn rekenkennis of het vragen een bepaald woord te spellen. Als het kind juist antwoordt, heeft de overhoorder het idee het onderwijs te hebben bevorderd. En als het kind onjuist antwoordt, grijpt de examinator zijn kans om flink uit te weiden over het onderwerp in kwestie. Voor het laatste geval, als de kinderen het antwoord schuldig blijven, heb ik hun een aantal antwoorden geleerd die zij naar believen kunnen toepassen. De kinderen kunnen:
a. vriendelijk maar beslist zeggen dat ze geen zin hebben om te antwoorden;
b. antwoorden: ‘Daar liggen mijn prioriteiten op dit moment niet’;
c. zeggen: ‘Sorry, dat weet ik niet. Maar zal ik een gedicht van K. Schippers voor u reciteren?’ (Of: ‘Maar weet u wie er in 1966 president van de Verenigde Staten was?’ Of: ‘Maar weet u door wie Floris de Vijfde vermoord is en kent u het liedje over zijn zoon?’)
Soms is het daarentegen ook heel erg leuk als iemand iets aan het onderwijs wil bijdragen. Zoals gisteren, toen de meester van ’s kinderens woensdagmiddagclub vroeg: ‘Heb jij hier nog iets aan voor je thuisschool?’ en een dode, prachtig opgedroogde wesp aanbood om onder de loep te nemen.

Dat ziet er heel mooi uit.

En je krijgt niet vaak de gelegenheid de angel te voelen zonder je te bezeren.

Omdat niets menselijks mij vreemd is en de pot de ketel verwijt, zal ik meteen maar bekennen dat ik het ook leuk vind om iets bij te dragen aan de educatie van schoolgaande kinderen. Vriendje D. (9) had vandaag een zogeheten margedag, een vrije dag die de school zo nu en dan uitdeelt. D. wilde zijn middag met ons doorbrengen en ik besloot naar de geitenboerderij te gaan. Geitjes gevoerd en geknuffeld, pasgeboren biggetjes geaaid, ponyritje gemaakt, geleerd dat moederkip heel hard kan pikken als je haar kuikentjes wilt aaien en het varkensdiner bijgewoond, waar we van de boer hoorden dat kaasboerderijen vaak een aantal varkens houden om de wei kwijt te kunnen die ze bij het kaasmaken overhouden. Terwijl hij op de terugweg een stukje boerenkaas wegpeuzelde zei D. dat hij zo wel vaker biologieles wilde hebben.
Boudewijn
12 juni 2007
Vanmiddag aten we groentesoep. We hadden gedekt met de placemats die mijn moeder had meegenomen uit Verenigde Staten, Philip had degene met Amerikaanse presidenten en Jet die met de vlaggen van de wereld. Onder het eten bestudeerde Philip zijn placemat. Opeens zei hij: ‘Raad eens welk liedje dit is’, en hij begon ‘Welterusten, mijnheer de president’ te neuriën. ‘Daar moest ik ineens aan denken’, zei hij toen ik het goed geraden had.
Hij zette de cd van Boudewijn de Groot op en vroeg hoe het ook alweer zat met de oorlog in dat liedje. Ik vertelde dat het een protestlied was geweest in de jaren ‘60, tegen de oorlog in Vietnam. Hij keek nog eens naar zijn placemat en vroeg over welke president het lied ging. Ik zei dat ik dacht dat het Nixon was, maar dat ik het niet zeker wist en dat we het konden opzoeken op zijn placemat als we wisten in welk jaar het liedje geschreven was. Philip zocht in het cd-boekje op uit welk jaar ‘Welterusten’ was: 1966. Op de placemat stond dat Nixon van 1969 tot 1974 president was, die kon het dus niet zijn. Vervolgens keek hij naar de president daarvoor: Lyndon B. Johnson, en jawel, die zetelde van 1963 tot 1969.

Dit is zoals thuisonderwijs meestal gaat. Mensen vragen vaak welke schooluren we aanhouden, maar naast het uurtje echt schoolse vakken zoals schrijven of wiskunde gebeurt er zoveel dat je het nooit zou kunnen inroosteren. Iedere ouder weet dat kinderen nieuwsgierig zijn. Ze stellen de hele dag door vragen en het enige wat je hoeft te doen is de tijd nemen om die te beantwoorden of om samen op zoek te gaan.
Om een idee te geven, als ik deze dag in schoolse vakken zou moeten omschrijven, zou het ongeveer dit worden:
Nederlands
- poëzie: Boudewijn de Groot, ‘Verdronken vlinder’ (’Zo te sterven op het water met je vleugels van papier’); ‘Als de rook om je hoofd is verdwenen’
- literatuur: Jean Dulieu, Paulus en de eikelmannetjes; Annie M.G. Schmidt, Jip en Janneke
- bladzijde geschreven in werkboekje schrijfmethode Schrift van Thieme-Meulenhoff (Philip)
- woorden geschreven met magneetletters (Jet): roos, ik, Jet, zon, een, oom, moe
Geschiedenis
- aantal Amerikaanse presidenten doorgenomen: George Washington, Lyndon B. Johnson, Bill Clinton, George Bush jr. en sr.
- gepraat over Vietnamoorlog: waarom, wie deden eraan mee, hoe geëindigd
- gesproken over de tijdgeest van de jaren ‘60
- basilosaurusje gespeeld met tijdperkadequate kenmerken
Aardrijkskunde
- Vietnam opgezocht
- landsvlaggen bekeken (Jet vond die van Andorra het mooist)
- gesproken over evolutietheorie en creatie
Natuuronderwijs
- het anatomische model (Hema) uit elkaar gehaald en ingewanden weer teruggezet
- gelezen in Kate Petty en Jennie Maizels’ Knappe koppen, eenvoudige natuur- en scheikunde
- opgezocht welk prehistorisch dier waarschijnlijk longen én kieuwen had (ambulocetus) en welk dier dat nu nog heeft (longvis), zodat het zowel onder water als boven water kan ademhalen
Wiskunde
- uitgerekend hoeveel jaar geleden Johnson president van Amerika was (Philip)
- de tafel van 4 opgezegd
- geteld van nul naar honderd; teruggeteld van twintig naar nul (Jet)
- uitgerekend hoeveel pakken huismerkspeculaas je kunt kopen voor één pak ‘Smiley uitdeelzakjes speculaas’ tijdens het boodschappen doen
Engels
- prentenboek voorgelezen: Renee Graef, My favorite things (’Raindrops on roses and whiskers on kittens’)
- samen gekeken naar televisieprogramma Balamory op BBC2, onduidelijkheden vertaald
- ‘The tower of Babel’ (Genesis 11) gelezen uit Engelse kinderbijbel (initiatief Philip)
Bewegingsonderwijs
- gedanst en luchtgitaar gespeeld op o.m. ‘Strand’ en ‘Het Land van Maas en Waal’ (Boudewijn de Groot)
- naar gymles geweest (P&J); ‘gymmie’ verdiend met flikflak (Philip)
Sociaal-emotionele ontwikkeling
- baby-zusje getroost en aan het lachen gemaakt
- ruzie opgelost met zus (en voor Jet: met broer)
- gespeeld bij vriendje D. thuis
Op deze manier ziet het er best volledig uit. En toch hebben we alles bij elkaar misschien een uurtje aan tafel gezeten, is het initiatief voor vrijwel alle onderwerpen van de kinderen gekomen en was er nog genoeg tijd om Donald Ducks te lezen, te tekenen en te spelen met verkleedkleren en skippypaard. Daarom is het dus zo moeilijk om het thuisonderwijs binnen schooluren te plaatsen.

