Een poosje geleden zapte ik er per ongeluk langs. Eigenlijk ben ik niet zo dol op Ernst Daniël Smid, dus ik dacht dat ik vrij snel zou afhaken. Maar God in de Lage Landen is een prachtige serie. Zo’n beetje alle facetten van de Vaderlandse geschiedenis komen voorbij. Met iedere aflevering zie je Nederland groeien.

De Saksen, de terpen, de opkomst van dorpen, de verstedelijking in de Middeleeuwen, de Opstand, Beeldenstorm, de stichting van de eerste universiten. Zowel Nederland als België wordt ruimschoots vertegenwoordigd. Er is veel aandacht voor belangrijke namen die bij het grote publiek minder bekend zijn: Jan van Scorel, Anna Maria van Schurman, Hendrick de Keyser.

Je ziet dat er tijd en moeite in is gestoken. En Smid kan bijna net zo mooi vertellen als professor Pleij. Het is geschikt voor alle leeftijden.

God in de Lage Landen wordt niet meer uitgezonden, maar de afleveringen zijn nog online te bekijken. Als voorproefje hier de tweede aflevering: ‘God in het klooster’, omdat die mooi aangeeft hoe dorpen in Nederland zijn ontstaan.

 

Hieronder links naar alle afleveringen op chronologische volgorde. 

  1. God komt aan wal. Over Willibrord, Bonifatius en Liudger.
  2. God in het klooster. Over de Middeleeuwen, kloosters en het ontstaan van dorpen in de Nederlanden.
  3. God in de kerk. Over de Dom van Utrecht, hoe kerken veranderden in statussymbolen en de Beeldenstorm.
  4. God in je moerstaal. Over Luther, Erasmus en de Statenvertaling.
  5. God in de fabriek. Over de industrialisatie, Van Gogh en Daens. 
  6. God in de toekomst. Over de secularisatie en het contemporaine christendom.
  7. God in het gedogen. Over Willem van Oranje, Hugo de Groot en Neerlands tolerantie.
  8. God in de skyline. Over architectuur, Willem III, het Rijksmuseum en architecten Hendrick de Keyser (ontwerper van de Westerkerk, Montelbaanstoren en vele andere) en Pierre Cuypers huis (ontwerper van Rijksmuseum, Amsterdam CS en vele andere).
  9. God in de zuilen. Over de verzuiling.
  10. God in de verf. Over Jan van Scorel en de Renaissance.
  11. God onder de loep. Over het onstaan van universiteiten en Anna Maria van Schurman, die moest vluchten voor Alva en de eerste vrouwelijke studente van de Nederlanden werd.
  12. God in het feestgedruis. Over carnaval, sint maarten en andere christelijke feesten.

Ook verkrijgbaar in twee dvd-dozen: God in de Lage Landen serie 1 (EAN 8715664091135) en serie 2 (EAN 8715664093979). Op de homepage van het programma staat meer aanvullende informatie.

Tot zevenmaal zeventig maal

11 september 2011

Ik dacht dat de parabel van de onbarmhartige dienstknecht er best lekker in zat. Cato zong de hele week ook al zo gezellig de evergreen van Elly Zuiderveld, ‘Tot zevenmaal zeventig maal’. Dacht ik.

Tot Philip zei: ‘Mam, hoor je nou wat Cato zingt?’ Er bleek een kleine variatie in de tekst te zijn.

♪ ♫

Tot zevenenzeventig maal
Geef ik een ander de schuld     ♪ ♪ ♫

We blijven er nog even aan werken.

Liever dan geluk

27 december 2010

Gisteren een prachtig interview gezien van Paul Witteman met Herman Finkers. Het ging over kunst, geloven, muziek, literatuur en de dood. Over Reve en Wilmink, Bach en mystiek, over de talen van de liefde. Ik kijk zelden een uur achter elkaar geboeid naar televisie, maar hiervoor ben ik opgebleven.

Mocht hij niet werken, dan kun je ook op de programmasite zelf kijken.

Kerststal knutselen

22 december 2010

Terwijl Philip in zijn pyjama zit te legoën

en Superwoman haar roze lel van een computer bedient (nee, ik vind het ook niks, een ‘educatieve laptop’, maar Sinterklaas dacht daar anders over nadat Cato het drie keer als liefste wens op een lijstje in haar schoen had gestopt),

bouwt Jet een valreepkerststal.

Het is een overzienbaar project, net iets minder tijdrovend dan de andere kerststallen die we ons hadden voorgenomen te maken – zoals die van zelfgenaaide viltpoppetjes, waarbij we niet verder kwamen dan een vilten os en kameel.

Mocht je om een knutsel verlegen zitten, dan zijn hier de bouwplaten van twee verschillende kerststalletjes – à vous de choisir.

Dit is een pdf met de bouwplaat van kerststal 1. Totaal drie pagina’s. Ik kan de rechthebbenden niet meer achterhalen; mocht iemand zijn eigen tekeningen herkennen, geef dan even een gil.  

En dit is de tweede stal.

Hier de pdf met de bouwplaat van kerststal 2. Omdat Maria Jezus daar in de armen houdt, is er een aanvullend pdf’je waarop Moeder en Kind los getekend zijn, zodat je baby Jezus in de kribbe kunt leggen. Staat hier. Deze kerststal is beduidend uitgebreider dan de eerste en beslaat tien pagina’s. Komt van deze site.

3000 dukaten

6 april 2010

Ik had een vreselijk leuk blogidee voor Pasen, maar daar is niks van terechtgekomen. Daarom deze maar. Ook leuk, maar Pasen is nu al voorbij. Dus hij is alvast voor Hemelvaart. Of Pinksteren. Of sint-juttemis.

De interactieve Sixtijnse Kapel

Michelangelo kreeg volgens zijn biograaf Asciano Condivi 3000 Venetiaanse dukaten voor het maken van de fresco’s in het Apostolisch Paleis. Wij mogen er nu gratis en voor niks naar kijken.

En het bespaart je een voetreis naar Rome (soms ben ik zo geestig dat ik er zelf in blijf).

Bartimeüs

17 november 2009

We zijn op bezoek geweest bij stichting Bartiméus in Zeist. Zij bieden ondersteuning en onderwijs aan mensen die blind of slechtziend zijn en helpen hen op weg in de maatschappij.

Om een beetje te ervaren hoe het is om niet of nauwelijks te kunnen zien, heeft Bartiméus een ‘donkere belevingsruimte’ waar je op bezoek kunt. Daar is een straatje nagebouwd met verschillende soorten paden, een bruggetje, een huis en allerlei obstakels waar blinden en slechtzienden vaak letterlijk tegenop lopen. Een blikje op de grond, een vuilnisbak midden op straat en als je een brief wilt posten, welk vak is dan ook alweer voor overige bestemmingen?

Om ons voor te bereiden waren we begonnen in Het wereldje van Beer Ligthart dat mooie boek van Jaap ter Haar over een jongen die blind wordt en de wereld opnieuw moet ontdekken. Ik heb het boek vroeger zelf gelezen, maar wist niet meer precies voor welke leeftijd het was. Omdat ik het niet altijd eens ben met de aanbeveling van de uitgever of Biblion, heb ik de kinderen eerst een hoofdstuk van internet voorgelezen. Daarna zijn we in het echte boek verder gegaan.

En we hebben gekeken op welke manieren je visueel gehandicapt kunt raken. Dat kan aan je ogen zelf liggen, maar ook aan het plekje in je hersenen waarmee je gezichtsvermogen gestuurd wordt. Of er kan ergens iets misgaan op de weg van je ogen naar je hersenen. Daarom hebben we onderzocht hoe ogen precies in elkaar zitten.

Met het Body Book maakten we een papieren versie, met een hoornvlies van plasticfolie. Zo kun je goed zien welke weg het licht aflegt voordat het op je netvlies terechtkomt.

We maakten daarnaast een model van de hersenen, om uit te vinden waar het ‘kijk’-plekje zich precies bevindt. Dat blijkt achteraan te zijn, dus de oogzenuw moet een flinke weg afleggen. Daar kan best wel iets misgaan.

En dan kun je er wel over lezen, maar het zelf een beetje meemaken is toch weer anders. We zouden samen met een ander thuisonderwijsgezin gaan, maar daar bleek de griep in alle hevigheid toegeslagen, dus we hadden privéles in Zeist. De kinderen kregen direct bij binnenkomst een blinddoek om. ‘Kom nu je jas maar ophangen’, zei de mevrouw die ons begeleidde. ‘Volg mijn stem maar.’ 

Daarna vertelde zij over de verschillende vormen van slechtziendheid. Je kunt helemaal blind zijn, maar het komt ook veel voor dat mensen alleen nog maar een kokervisie hebben. Dan kun je vaak wel lezen, maar heb je toch hulp nodig om je op straat te kunnen bewegen.

Veel van die hulpmiddelen mochten we proberen. Leesloeps in alle soorten en maten, met en zonder lampje. Een brailletypemachine, een braillecomputer en topografische kaarten in braille, die worden gebruikt door kinderen op de school van Bartiméus.

Er is ook een speciaal apparaatje waarmee je kunt ‘voelen’ of je glas vol is, zodat je niet over de rand schenkt.

Maar zelfs daarmee is het nog best lastig. Want waar eindigt de kan en begint je beker?

Ten slotte maakten we onze rondgang door het donkere straatje. Met een rood-witte stok je weg zoeken langs struiken en een geparkeerde auto, aanbellen bij een huisdeur die omgeven is met allerlei ornamenten, een lamp en een windgong: waar zit de bel nou? Ineens zie je hoe de dagelijkse dingen voor sommige mensen heel anders zijn. Daar mag je best eens bij stil staan.

———————

Links

Op reis naar Rembrandt

6 september 2009

Uit het dagboek van Philip: *)

‘Wij (mama, ik en Jet) zijn in een nieuw boek begonnen: Julia’s reis. En tot nu toe vind ik het leuk. Het gaat over een mijsje meisje dat teruggaat in de tijd van Rembrandt van Rijn, en weet je wat zo grappig is? Wij (mama, ik, Jet en Cato) gaan vrijdag naar het Rembrandthuis.’

Want als je zo’n boek leest, wil je op tijdreis. Ook even zitten in de keuken waar Hendrickje en Titus melk dronken, kijken in het atelier waar het licht zo mooi naar binnen schijnt.  

Voordat je op tijdreis gaat, moet je wel een prozaïsche treinreis ondernemen.  En dat wordt steeds makkelijker met Cato. Ze hoeft nu niet meer persé alle trapjes van de dubbeldekkertrein op en af. Ze brult niet meer bij iedere halte dat ze eruit wil. En ze poept niet meer standaard haar broek vol, halverwege de reis, bij voorkeur in een overvolle coupé, waarbij dan het dilemma ontstaat: wachten met een schone luier en de geur dik als stroop in de coupé laten hangen, of alle reizigers door de zure appel heen laten bijten en terplekke verschonen (op bank of grond, want een trein heeft geen verschoningsruimte), zodat de lucht een fractie erger wordt, maar daarna in intensiteit afneemt. Nee, het ging allemaal heel soepel deze keer.

Voordat we naar Rembrandts oude huis gingen, bezochten we eerst de Rembrandttentoonstelling in de Beurs van Berlage. Alle schilderijen en etsen onder één dak. Allemaal nep, want digitale reproducties op origineel formaat. Foto’s van het echte werk, zeg maar. Het nadeel daarvan is dat je niet de dikke klodders verf ziet, niet voor het echte doek staat. Het voordeel is, dat je veel dichterbij de schilderijen kunt komen dan je ooit in een museum kunt. Je kunt ze zelfs aanraken.

En er hangen vergrootglazen, zodat je details nog beter kunt bekijken. Kijk nou toch, déze handen. Daar krijg je toch tranen van in je ogen?

Op geen enkele andere expositie met originele doeken zou je ooit zoveel werk bij elkaar kunnen zien. Ook het schilderij waarin Julia verdwijnt, hing er. Philip en Jet hebben het nog geprobeerd,

Julia's reis

maar tevergeefs. Jet wist wel waarom de tijdreis niet lukte: dit was natuurlijk niet het echte schilderij.

De meeste lol hadden we bij het gedeelte ‘Echt of nep?’, waar je de echte Rembrandt van de vervalsing kon onderscheiden. Zoals Het offer van Abraham (sorry voor de lelijke flits in het midden).

Zoek de verschillenUitleg verschillen in Het offer van Abraham
Klik op de foto’s voor een vergroting

Van het neppe werk naar het echte huis. Ik was er nog nooit geweest en het heeft toch wel wat, hoor, wandelen op het marmer waar Rembrandt wandelde, staan in het atelier waar hij stond.

Rembrandt - Jet in het atelier

 rode oker, gele oker, lijnolie

In de museumwinkel hebben we potjes oker gekocht om thuis aan te maken met lijnolie, zodat we dezelfde verf kunnen maken die in de 17e eeuw gebruikt werd. Kunnen we telkens een beetje op tijdreis gaan.

———————–

*) Deel van onze taallessen. De kinderen schrijven iedere dag een stukje in een dagboek. Alles mag: een daadwerkelijk verslag van hun dag, iets wat hen te binnen schiet, zomaar een liedje of verhaaltje, wat dan ook. Daarna verbeteren we het samen.

Terug naar boven

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.