Met het weer van de afgelopen week hebben we veel binnen gedaan. We zijn naar Storytelling geweest, het Engelse voorleesuurtje in de bibliotheek van een naburig stadje - de enige bibliotheek die ik ken waar je met een grote bel koffie verkeerd of een versgeperst sapje je boeken kunt (voor) lezen. En de kinderen hebben hun vrijkaartjes voor de overdekte sneeuwbaan te gelde gemaakt. Bij de schaatslessen hadden ze een gratis toegangsbewijs voor de skipiste gekregen en deze week zijn ze met John gaan skiën. Niks geen krekeltjes en korenbloemen; op deze allesbehalve mooie warme dag in september zaten twee paar appelwangetjes aan de warme chocola te vertellen over sleepliftjes en pizzapuntski’s.

Vrijdagmiddag zou het weer beter worden, dus ik wilde ook nog een buitending doen. We gingen appels plukken.

 Philip plukt

Bovenin hingen de mooiste, maar Jet wist ook op vijfjarige hoogte feilloos de lekkerste appels te vinden.

Jet heeft geplukt

Ik had verwacht dat we de hele middag in de boomgaard zouden rondplukken, maar terwijl de kinderen de ene na de andere appel inlaadden, realiseerde ik me dat we die natuurlijk ook binnen afzienbare tijd moesten opeten. Uiteindelijk hebben we vier kilo biologische appeltjes mee naar huis genomen.

Samen scharrelen in de boomgaard

Gesurft voor u

25 september 2007

Een van de allercompleetste educatieve sites die ik tot nu toe gezien heb: eMints. Het biedt een massa links naar lesideeën en activiteiten op grade level (grade 1 is groep 3, grade 2 is groep 4, enzovoorts). De links zijn gerangschikt per thema en daarbinnen leiden ze weer naar verschillende vakgebieden (wiskunde, aardrijkskunde, geschiedenis, taal) met betrekking tot het onderwerp. Perfect onderhouden, geen dode links.

Passies

24 september 2007

Cato krijgt ook thuisonderwijs. Daar hoeven we niets aan te doen, behalve veel knuffelen, eten geven en bij haar zijn. Dan gaat het zomaar vanzelf, zonder wiskundemethode of levende literatuur. Op het moment is ze bezig te leren kruipen. Meestal blijft ze nog op één plaats, met haar lijf naar voren en achteren zwaaiend, maar soms maakt ze tot haar eigen verbazing ineens een schuiver op haar knietjes. Met een aandoenlijke volharding ploetert ze voort.

Jet volhardt nog steeds in háár passie: de dagelijkse verzorging van het hobbelpaard. Ik had bij Kruidvat een paardrijhelm gekocht voor €2,50. Dat kwam omdat het een extra large was die ze aan de straatstenen niet kwijtraakten. Extra large maakte voor Jet niks uit; daar kan ze prima buitenritten mee maken. De hele verdere dag zong ze: ‘Ik heb een cap, een echte cap’ en ’s avonds moest ie mee naar bed. Zelden iemand zo blij gemaakt.

Jet met cap

Math is fun 2

20 september 2007

Deze vond ik wel erg leuk na de post van gisteren.

Math is fun

19 september 2007

Toen ik zes jaar geleden voor het eerst over thuisonderwijs begon na te denken, las ik het boek met de weinig opbeurende titel How children fail, van John Holt*. Het bleek een prachtig boek. De titel doet geen recht aan de inhoud en als je ooit de kans krijgt, moet je het zeker lezen.

Holt was wiskundeleraar en een scherp observator. Hij beschrijft onder meer hoe kinderen zelf op onderzoek uitgaan als ze, zonder verdere uitleg, een balansweegschaal krijgen. De kinderen experimenteerden met gewichtjes links en rechts, maakten fouten, leerden daarvan, hadden een hoop lol en veel meer opgestoken dan in een les waarin hij sommen opgaf en het gros van de leerlingen het antwoord gokte. Het had me heerlijk geleken om zo wiskundeles te krijgen.

Inmiddels zijn we een paar jaar verder en hebben mijn kinderen ook al veel met de balansweegschaal geëxperimenteerd. Maar om een leidraad en een einddoel te hebben, besloot ik wel een wiskundemethode aan te schaffen. Ik heb dan ook geen les gehad van John Holt en mij ontbreekt de kennis en moed om zelf een wiskundeplan in elkaar te draaien en zo de basisvaardigheden zeker te stellen bij mijn kinderen. Nadat ik een aantal Nederlandse lesmethodes had bekeken en geprobeerd, kwam ik uit bij een uitheemse leergang: Singapore Math. Befaamd onder thuisonderwijzers vanwege de goede resultaten, de afwezigheid van oeverloze herhalingen waar dat niet nodig is en de mogelijheid tot herhaling waar dat wel wenselijk is.

Singapore Math heeft verschillende series. Na overleg met een aantal leveranciers heb ik gekozen voor de My Pals are Here!-serie, dat de kwaliteit van Singapore Math combineert met een aantrekkelijke lay-out en dat op veel internationale scholen gebruikt wordt.

Singapore Math My Pals are Here! Cover.

Twee voorbeeldbladzijden van de site van de Europese leverancier, Halfmoon Educational. Een uit boekje 2B (groep 4, tweede halfjaar): 

 My Pals are Here!-voorbeeldpagina uit boek 2B

en een uit boekje 3A (groep 5, eerste halfjaar):

 My Pals are Here!-voorbeeldpagina uit boek 3A

We zijn nu een dikke maand bezig, een halfuurtje per dag. Het is geweldig om te ervaren dat je in zo weinig tijd zo effectief kunt werken. Philip is er zelf wat ambigu onder. Aan de ene kant is hij trots en is zijn zelfvertrouwen in het rekenen zeker toegenomen, aan de andere kant blijft het een gewoon jongetje dat zijn snor probeert te drukken door twintig minuten op de wc te blijven zitten. In een van de eerste lesjes die hij deed, was de uitkomst van een woordsommetje ‘Math is fun’.  Daar zullen we in de praktijk nog een beetje moeten werken. Was ik ook maar een John Holt.

 * Antiquarisch is het her en der nog in het Nederlands te verkrijgen onder de titel Het kind. Een mislukking?  Maar de Engelstalige, herziene druk van 1982 en later verdient (veel) meer aanbeveling.

Mauritshuis

13 september 2007

Na het ontbijt wilde Jet graag ergens naar toe. Het liefst naar het Rijksmuseum, omdat ze de audiotour van Sesamstraat zo leuk vond, en het picknicken in de museumtuin. Het staat altijd wat aanstellerig als de kinderen het leuk vinden om naar musea voor beeldende kunst te gaan, maar eigenlijk is het heel simpel om de jeu erin te houden. Gewoon veel gaan, niet te veel verwachten en zorgen dat het gezellig is. Ik heb hen van kleinsaf aan meegenomen naar Rijks en Van Gogh en ze hebben het altijd geweldig gevonden. Ik vertel vantevoren wat we gaan zien en laat hen dan een aantal schilderijen op plaatjes zien, zodat ze later in het museum iets herkennen - dat verhoogt het enthousiasme. Beginnen met succesnummers als De nachtwacht en De aardappeleters of andere schilderijen waar iets moois over te vertellen is. We nemen dan een kinderaudiotour (ik ook), want die zijn vreselijk leuk en duren vaak net lang genoeg. Het heeft ook iets saamhorigs om na het aftellen tegelijkertijd op het startknopje van de audiotour te drukken en te weten dat je allemaal hetzelfde hoort op je koptelefoontje. 

Omdat ik het Rijksmuseum te ver weg vond, stelde ik voor om naar het Mauritshuis te gaan. Jet was er direct voor in, Philip moest met tien paarden van de bank getrokken worden (’Kunnen we niet gewoon een ommetje gaan maken?’), maar kreeg al wat meer zin toen ik instemde met zijn idee om onderweg te ’spelen’. Het klinkt voor een buitenstaander wat merkwaardig, maar ik krijg bij de kinderen veel gedaan door gewoon mee te spelen met het spel dat zij verzinnen en mijn boodschap te verpakken in de rol die ik toebedeeld krijg. Bij een museum als Naturalis doe ik bijvoorbeeld de stemmen na van de opgezette dieren en op weg naar de supermarkt praat ik als Winnie de Poeh. Philip was vandaag afwisselend een Stormtrooper en Boba Fett (beide Star Wars) en ik werd aangesproken als Prinses Leia (Star Wars), Paulus de boskabouter of Oehoeboeroe. Jet was een paard.  

In de tram had ik (helendal nogal wel zo tamelijk) de catalogus van het Mauritshuis laten zien, waarbij ik vooral mikte op Het meisje met de parel van Vermeer en De stier van Paulus Potter. De route door de stad is natuurlijk ook al gezellig, er is van alles te zien en een wandeling over het Binnenhof geeft al een hoop stof tot conversatie. Zo legde de Stormtrooper aan Prinses Leia uit wat een regering nou precies is en zagen we werkmannen bezig om de steentjes goed te leggen voor Prinsjesdag.

Het Mauritshuis was weer prachtig. De kinderaudiotour kon jammer genoeg niet gebruikt worden, omdat de zalen werden ingericht voor een nieuwe tentoonstelling, maar de volwassenentour bleek ook prima voor kinderen. Omdat de kinderen de verhalen kennen uit de bijbel en Griekse mythologie, spreken veel van de 16e- en 17e-eeuwse schilderijen tot de verbeelding. Het meisje met de parel en De stier van Potter vonden ze wel aardig, maar voor de spreekwoordenschilderijen van Jan Steen bleven ze langer staan. En deze vonden ze het allermooist,

Jan Brueghel de Oude met Peter Paul Rubens - Het aardse paradijs met de zondeval van Adam en Eva

vooral omdat er zoveel dieren op stonden en het zo ‘echt’ geschilderd was. Het stuk is door Brueghel en Rubens samen gemaakt: Rubens schilderde Adam en Eva, de boom en het paard, en Brueghel schilderde de rest. Op de site van het Mauritshuis kun je lezen wat we op de audiotour gehoord hebben.

Uitverkoop

6 september 2007

Tim Wood, De RenaissanceVandaag begon de tweemaandelijkse verkoop van afgeschreven boeken in onze bibliotheek. Deze frenzy duurt altijd drie dagen, maar meestal kom ik er op de namiddag van de derde dag pas achter en heb ik drie kwartier voor sluitingstijd nog een treurig stapeltje kliekjes om uit te kiezen.

Ditmaal had ik echter de aankondiging in het plaatselijke sufferdje op tijd gezien, zodat ik vanochtend om elf uur bij de koopjestafel stond. Philip installeerde zich op de kussens met een stapel Asterixen, Donald Ducks en Garfields (die klassiek-literaire aanpak werpt zijn vruchten wel af) en Jette pakte alle Galops van het plankje, maar besloot later toch terug te vallen op het weergaloze Floortje helpt een hond. Na een halfuurtje scharrelen had ik het volgende stapeltje:

  • De planeet aarde, Time Life (Jonge ontdekkers). Van aardbevingen tot regenbogen, gletsjers en kristallen. We hadden het boek al regelmatig geleend, dat kwam dus mooi uit.
  • Het heelal, Time Life (Jonge ontdekkers). Uit dezelfde serie, ook al vaak geleend.
  • Wood, Tim, De Renaissance (Kijk op het verleden). Mooi boek over een mooie periode. Met transparante platen zodat je bijvoorbeeld ‘in’ de Santa Maria kunt kijken (het schip van Columbus). Met zelfs al een fiezeltje Petrarca.
  • Bonafoux, Pascal, Op bezoek bij Rembrandt. Waarin het verhaal wordt verteld over zijn leven, geïllustreerd met zijn tekeningen en schilderijen. Het begint zo: ‘Als ik ’s zondags na de dienst uit de Westerkerk kom en langs de Rozengracht loop, waar ik sinds 1660 woon, dan groeten de mensen me beleefd.’ Zo wil iedereen toch kunstgeschiedenis krijgen?
  • Lawton, Clive A., Het verhaal van de Holocaust. Een boek dat de kinderen nog niet zonder mij mogen inzien, en waarschijnlijk sowieso nog even niet. Met hartverscheurende foto’s uit de jaren dertig, waaronder een foto waarin neuzen opgemeten worden en een uit 1933 van een advocaat die had geklaagd over het optreden van de politie, en nu met blote voeten door de straten moest lopen met een bord waarop stond dat hij nooit meer zou klagen.
  • Maynard Christopher e.a., Zo werkt je lichaam. Het zoveelste boek over het menselijk lichaam, maar hierin staat net iets meer over bloedsomloop en hersenfuncties dan in de andere die we hebben, altijd handig.
  • Arnold, Nick, Machtige krachten (Waanzinnig om te weten). Het natuurkundedeeltje van deze serie, die mij persoonlijk iets te jolig is, maar waarin de stof wel goed wordt uitgelegd. En het kan Philip niet jolig genoeg zijn.
  • Loriot, Peter en de Wolf. Mooi, groot prentenboek met tekeningen van Jörg Müller, om mee te kunnen lezen bij de cd.
  • Beak, Nick Huckleberry, Plezier met goochelen. Een stuk of twintig trucs met flamboyante namen als de Magische Doos en de Stuiterende Snotlap.
  • Een vuistdikke Geïllustreerde dierenencyclopedie voor de jeugd (Dorling Kindersley), nog een beetje voor Jet, maar ook alvast voor Cato, omdat er, net als bij de meeste kinderen, waarschijnlijk een tijd gaat komen waarin zij gepassioneerd de Aziatische olifant van de Afrikaanse wil onderscheiden, de jaguar van het luipaard en de zeehond van de zeeleeuw.
  • Kerrod, Robin, Vulkanen (Op onderzoek naar…). Met veel foto’s voor de kleine sensatiezoeker en een stuk of vijftien gemakkelijk uitvoerbare (!) proefjes om onder meer black smokers (onderwatervulkanen) en geiseruitbarstingen te maken en seismoloogje te spelen.

Elf boeken voor elf euro, mooie opbrengst, toch?

Cirkelzaag

2 september 2007

Kinderen hebben vaak periodes waarin ze zich op één ding richten. Weken, soms maandenlang gaan ze op in een handeling (tekenen, fietsen) of spelen ze geconcentreerd met een bepaald soort speelgoed, om het vervolgens een poos te laten rusten en het later weer eens op te pakken. Ik dacht eerst dat alleen mijn kinderen dat deden, en dat soort gedachten zijn vaak slecht voor je. Het maakt je óf arrogant, omdat je denkt dat je zo’n bijzonder begaafd kind hebt, óf het verontrust je, omdat je vindt dat je zo’n bijzonder raar kind hebt. Gelukkig ben ik vanaf Philips geboorte omringd geweest met een groot aantal geweldige moeders en kinderen van dezelfde leeftijd als de mijne. En al die kinderen bleken bij vlagen bijzonder begaafd en gelukkig ook vaak bijzonder raar. Ik kan het iedereen aanraden zulke mensen om zich heen te verzamelen.  

Maar om terug te komen op het onderwerp: mijn kinderen hebben een aantal van dit soort geconcentreerde periodes gehad. Ik kan me herinneren dat het zweet me uitbrak als Philip wéér met de Playmobildoos kwam aanzetten (’Zullen we met de playmo, mam?’), waar hij veel situaties uit het echte leven mee naspeelde. Of de timmerperiode. Dat ik net gestofzuigd had en hij een lumineus ontwerp bedacht met veel doorgezaagde kurk, afgebroken ijsstokjes en reepjes stof die op een plankje getimmerd moesten worden. Waarna een en ander uiteraard afgewerkt werd met een likje verf. De k’nexperiode gaf minder zooi. De instructieboekjes werden meestal één keer gevolgd, als hij net een nieuwe doos had gekregen, maar daarna had Philip een voorkeur voor eigen ontwerpen, die soms het midden hielden tussen ‘bijzonder begaafd’ en ‘bijzonder raar’.

K’nexxbril, Philip 6 jaar
januari 2006

Maar waar het me eigenlijk om begonnen was vandaag, was dat ik wilde vertellen dat Philip de Lego weer ontdekt heeft. Vorig jaar heeft hij er tijden mee gespeeld, uren aaneen, maandenlang. En opeens was het over. (Dit soort periodes heeft overigens de neiging juist dan te eindigen wanneer er bij voorkeur net een hele grote doos van het speelgoed in kwestie is aangeschaft.) Opeens vond hij het uitzoeken van de blokjes te veel werk, leek zijn inspiratie op, was het vooruitzicht te moeten opruimen zo’n obstakel dat hij niet eens aan spelen wilde beginnen.

En even plotseling als de interesse verdwenen was, is hij weer opgedoken. Vandaag kwam Philip me een nieuw ontwerp laten zien: een cirkelzaag. Hij had de tandwieltjes zo gezet, dat het voorste radertje een cornflakesdoos kon openzagen. Dus ook hier weer: het ontwerp vond ik best knap, de toepassing tamelijk raar. Een gewoon jongetje dus. Maar wel heel bijzonder.

cirkelzaag